Woensdag Wensdag

Kookboeken zijn mijn ding. Het begon bij “Ons Kookboek” van de KVLV waar ik de basis van het koken uit leerde (en die ik nu nog soms raadpleeg als ik niet weet hoe ik een bepaalde groente moet klaarmaken). Daarna volgde de reeks van Jeroen Meus waaruit ik de klassiekers haalde. In het teken van mijn persoonlijke “project gezond leven” ga ik voortdurend op zoek naar lekkere, gezonde en vooral gemakkelijke gerechten. Die zoektocht naar gerechten heeft mij al verschillende kookboeken opgebracht. En een verlanglijstje met kookboeken die ik graag nog in mijn boekenrek zou hebben.

Hierbij 5 boeken die op dat lijstje staan.

  1. Plenty van Yotam Ottolenghi

    Plenty

  2. Powerfood van Rens Kroes

    Rens Kroes

  3. Puur eten dat je gelukkig maakt van Pascale Naessens

    Naesens

  4. Nigellissima van Nigella Lawson

    Nigellissima

  5. I love Health van blogster Daisy Oppelaar

    I Love Health

Hebben jullie ervaring met (één van) deze of andere boeken? Tips zijn zoals altijd meer dan welkom! 

Wij hebben een gemakkelijk kind

Overal waar we gaan krijgen we lovende woorden te horen over ons zoontje.

Hij is zo lief!
Zo een schattig kind!
Amai, jullie hebben toch geluk met zo een braaf kind hé!
Goh, zo een gemakkelijk kind. Die van mij waren zo niet hoor!

Ja, toen Sep pas geboren was, kon ons geluk niet op. We hadden niet alleen een gezond en mooi kindje op de wereld gezet. Het was bovendien het gemakkelijkste kind ter wereld. Hij huilde een beetje als hij honger had, that’s it. De borstvoeding verliep zo goed. Alsof het iets natuurlijks is. Sep sliep zo goed! Na 4 maanden sliep hij de hele nacht door. Op de crèche was is hij de “keppe” van de bende. De begeleid(st)ers waren op slag verliefd. Zo een braaf en lief kind.

Toen Sep 6 maanden oud was, kreeg hij de windpokken. Hij had het goed te pakken! Het kind was ziek, zag af. Wij zagen ook af. Het was de eerste keer in 6 maanden dat Sep zoveel huilde. Het doorslapen was ook gedaan.

Het immuunsysteem van het kind is volledig onderuitgehaald door die bultjes.

De volgende maanden waren een opeenvolging van oorontstekingen, angines, verkoudheden, nog oorontstekingen en veel vraagtekens. Onderzoeken voor verborgen reflux liepen faliekant af (met contrastvloeistof op de vloer in plaats van in de maag van Sep). Onderzoeken bij de NKO-arts resulteerden in buisjes. Sep zijn eerste operatie. Het kind was amper 1 jaar oud. Een routineklus voor de dokter, een bron van zorgen voor de mama.

In die periode – die begon in de zomer van 2015 en duurde tot 3 weken geleden – hebben we Sep teveel verwend. Uiteraard. Het kind had pijn. Het kind had koorts. Het kind moest bekomen van een operatie. Als hij niet kon slapen, legden we hem bij ons in bed. Daar lag hij na 1 minuut in dromenland. Als we hem in slaap moesten krijgen in zijn eigen bed, deden we er een halfuur over. Na een tijdje namen we hem bij ons in bed uit gemakzucht. Om onszelf te sparen. En dat tijdens de periode waarin een kind gewoontes begint aan te leren volgens de vakliteratuur! Maar we waren zo moe. Wij alledrie.

Bij de grootouders en in de crèche was het anders. Hij sliep gemiddeld 2 uur per dutje overdag. Als hij bij oma en opa 1 logeerde, viel hij in slaap op de schoot van opa of wiegde oma hem in slaap. Dan sliep hij de hele nacht door. Oma en opa 2 waren strenger en lieten hem huilen. Toch wel de volle 5 minuten, dan lag meneer te slapen. Voor de rest van de nacht. Ziek of niet. Thuis sliep hij in die hele periode van 5 maanden welgeteld 2 keer door.

Ligt het dan aan ons? Doen wij iets verkeerd? Mijn mama verzekert me van niet. Mijn zus en ik waren ook zo: flink op een ander, stout thuis. Het gebeurt wel vaker, zeker?

Nu zijn de oorontstekingen voorbij. Dankzij supplementen wordt Sep zijn immuniteit geboost. Eindelijk tijd om de gewoonte van het co-slapen af te leren. Eindelijk weer een degelijke nachtrust voor hem en voor ons.
Ha, dat dacht je maar. Meneer is een karaktertje aan het ontwikkelen. Thuis in volle colère als hij zijn zin niet krijgt. Op een ander poeslief, braaf en de grote charmeur. Thuis moet ik alles buiten zijn bereik zetten. Bij oma mogen alle prulletjes blijven staan, Sep blijft eraf. Thuis vliegt de boterham door de kamer. In de crèche eet hij flink alles op.

Maar het is toch zuk ne froain, mevrouw. 
Zo een lief kind, zeg! 
Ooh, de schattige charmeur.

De wallen onder mijn ogen kan ik blijkbaar goed verbergen. De vergeetachtigheid valt nog mee dankzij 3 agenda’s en een to-dolijstje. Maar er zijn dagen dat ik me bij aankomst op mijn werk amper herinner hoe ik er geraakt ben. De dagen van automatische piloot. En van veel geluk dat ik geen ongeval veroorzaak.

Ik heb soms het gevoel dat ik faal als moeder. Wat heb ik met mijn brave kind gedaan? Het kan alleen maar mijn eigen schuld zijn dat hij zo is. Want bij mij is hij lastig en op een ander niet. Als iedereen hem zo flink vindt, dan moet er toch iets van aan zijn? Dan ligt het toch aan ons? Waren we teveel verwend in het begin en kunnen we nu zelfs de kleinste hindernissen niet overwinnen? Want eigenlijk is hij thuis ook vaak heel braaf. En de grootste schat ter wereld. En eigenlijk hebben we toch niet te klagen, het is niet alsof we een huilbaby hebben. We hebben zelfs een heel flink kind dat goed groeit, bijna zelfstandig stapt en high fives geeft als hij zijn vuile pamper in de vuilbak gegooid heeft. Anderen hebben het veel lastiger hoor! Wat is dat nu als hij eens wat moeilijker slaapt. *Elke nacht. Al een halfjaar lang.*
De vermoeidheid en de twijfels doen wat met een mens.

En dan die goedbedoelde raad van andere moeders. 
Probeer het eens zus of zo.
Het zal wel overwaaien.
Oh, die van ons hadden ook zo een periode, daar moeten ze allemaal eens door.
Doe je kind eens wat vaker bij de grootouders op logee, zo kan je uitslapen (Moh, daar hadden wij nog niet aan gedacht! En dat aanbod hadden we zeker nog geen 2386 keer gekregen van de grootouders zelf! Soms wil je je kind gewoon niet aan een ander overlaten, om zoveel redenen. Eén ervan is dat dat NIET helpt tegen het gevoel dat je het als moeder niet aankan. Om maar één te noemen hé, allez, ik kan nog even doorgaan als ge wilt.)

Dat kan rationeel gezien wel allemaal waar en wijs zijn. Meer nog, het zijn zaken die wij ook al tegen onszelf en elkaar gezegd hebben. Maar een vermoeide moeder denkt niet rationeel. Een vermoeide moeder is moe. PUNT.

Gelukkig heb ik een lief dat mijn grootste steun in de wereld is door één simpele uitspraak: “Wij hebben gewoon géén gemakkelijk kind. Willen we dat afspreken?”

Voilà, zo weet u dat ook weer.

Vrouwen die brouwen

 Anne-Catherine van brouwerij Dileweyns staat in de Top 30 under 30 van Forbes. Sofie Van Rafelghem boekt steeds meer succes met haar project Vrouwen en Bier. Brouwen was van oorsprong eigenlijk een vrouwenzaak. Enkel vrouwen mochten brouwen. Ook nu is het allang niet meer een puur mannending. Vrouwen drinken beleven bier op een andere manier dan de meeste mannen. De marketing moet daarop inspelen. De bierwereld wordt aantrekkelijker voor vrouwen.

Ook voor mezelf. Ik word dagelijks met mijn neus op het bier gedrukt. Letterlijk, want het lief stinkt als hij thuiskomt van de brouwerij. Hij ruikt niet naar iemand die een hele avond in het bier gehangen heeft. Neen, hij ruikt naar brouwerij. Zijn kleren zijn vuil en nat. Hij is fysiek soms volledig op. In zijn eerste maanden als brouwer viel hij 4 kilo af, puur door het werk (want minder eten deed hij niet, integendeel). Het lijkt dus echt geen gemakkelijke job te zijn. Waarom blijft hij het dan doen? Wat is er zo leuk aan? En nee, voor de mannen die dit lezen: brouwen is niet hele dagen bier proeven. Allesbehalve! Maar wat is het dan wel?

Awel, ik ging het eens uitzoeken. Toevallig zocht mijn lief afgelopen weekend een brouwmaatje. Sep ging bij de grootouders. Wij gingen op vrijdagavond vroeg slapen. Want op zaterdagochtend ging de wekker af om 3u30. Om 5u werden we verwacht in brouwerij De Leite in Ruddervoorde. (Ter info: het lief heeft – nog – geen eigen installatie, dus hij huurt de installaties van andere brouwerijen af om daar te brouwen).

Ik was gewapend met twee paar kousen, 5 lagen t-shirts/truien, een sjaal en rubberlaarzen. Allemaal zaken die van pas zouden komen, zo bleek toen we om 4u59 de koude brouwerij binnen stapten.

Ik ontdekte dat brouwen vooral wachten en kuisen is.
Mout gemalen? Machine stofzuigen.
Mout wordt gemengd met water en op 72°C gebracht. Wachten.
Het vocht (de wort) wordt gefilterd en verpompt naar de kookketel waar het tot 100°C verwarmd wordt. Wachten.
Het bezinksel van de mout (draf) moet worden uitgeschept en verzameld (een boer komt dit later halen als voer voor de koeien – niets verloren laten gaan!). Corvee!
De filterkuip waar we de draf net uitgehaald hebben, moet worden uitgekuist. Ik kruip door een gat van amper 40 cm breed en 60 cm hoog. Bovenaan staat het deksel van het kijkgat open, zodat er nog wat licht binnenvalt. In de kuip waar zonet een brei van 72°C zat, is het nu een aangenamere, maar vochtige 25°C. De sjaal en dikke trui gaan uit. De laatste restjes draf worden opgeschept. De filterplaten worden losgevezen en uit de tank gehaald. Deze mogen gekuist worden. Met een tuinslang waaruit ijskoud water komt. Alle kleine graantjes moeten eruit. 12 platen, duizenden kleine gleufjes met duizenden kleine graantjes.

 

De draf valt uit de tank en moet opgeschept worden. 3 zulke volle bakken werden afgevoerd.

 

 

Dampende draf. 5 minuten later dook ik erin.

 

Terwijl ik me met al deze werkjes bezighoud, zijn de brouwers volop bezig met het versleuren, loskoppelen en aankoppelen van brede slangen waardoor bier en water van de ene tank naar de andere gepompt worden.
Tanks die leeg zijn, worden gekuist met een bijtend product en heet water. Hygiëne is extreem belangrijk in de voedingsindustrie.
Als het bier 11 uur nadat we begonnen zijn in de gistingstank zit, waar het de komende week zal blijven, volgt de laatste taak: kuisen. 12 uur nadat we die ochtend de brouwerij binnenstapten, ziet ze er alweer uit alsof we er nooit geweest zijn. Alleen de gevulde gistingstank is een (nu nog) stille getuige van onze aanwezigheid. Over enkele uren zal de gisting zorgen voor kleine scheetjes die de tank af en toe laat ontsnappen.

 

 

Het trotse brouwerskoppel. Met de roerstok. En 5 lagen kledij. In een weer blinkende brouwzaal. Na 12 uren hard labeur.

Als we naar huis rijden is het alweer donker. Ik had verwacht dat ik in slaap zou vallen in de auto. Maar neen, ik zit vol adrenaline. Ik ben actiever dan ik had kunnen denken. Is het de fysieke arbeid die zorgt voor die energie-boost? Heb ik toch mijn roeping gevonden, zoals het lief grapt? Is het de idee dat ik meegeholpen heb om iets te maken waarvan we binnenkort het resultaat kunnen proeven en verkopen? Of zijn het de dampen van in de filterkuip die iets met me deden? Is het de verkwikkende douche achteraf? Geen idee. Ik voel me in elk geval “opgefokt”.

Tot we bij de schoonouders komen, een groot bord dampende spaghetti voorgeschoteld krijgen en de man met de hamer tegenkomen terwijl we in de warme living zitten.

Woensdag Wensdag

Nog net op de valreep geef ik jullie mee waar ik deze week over dagdroom… Dat was vooral trouwen. We hebben in onze vrienden- en familiekring een aantal trouwfeesten dit jaar en de eerste uitnodiging is deze week toegekomen en het eerste kleedje ook al gekocht. Uiteraard droomde ik dan ook over hoe mijn huwelijksfeest eruit zou moeten zien. Het dilemma voor de locatie alleen al… Dat wordt een moeilijke keuze. Als het lief mij ooit vraagt. Ooit…

  1. Een hopveld. Sinds de Ladies Hop Nights @ Palm is dat mijn ideaal.

    IMG_1817

  2. Of als het niet buiten kan, dan binnen in een brouwerij met indrukwekkende foeders.

    Rodenbach

  3. Of toch buiten, maar dan in een leuk versierde tent.

    tent

  4. Of bij heel mooi weer gewoon in een tuin of park onder een boom met feeërieke lichtjes.

    boom

  5. Of ergens in een prachtige ruïne in Toscane.

    ruine

Als ge mij zoekt, ik zit nog even op Pinterest

It’s all about the money

De kerstperiode is alweer voorbij, dus we willen de portefeuille wat rust gunnen. Maar o wee, daar zijn de solden alweer! Goed gezien hoor, de goede voornemens van “ik ga dit jaar wat meer sparen” zijn op 2 januari al vergeten.

Dan moeten we maar vanaf februari beginnen te besparen hé. Maar hoe doen we dat? We kunnen gaan budgetteren. We kunnen Excel files maken om onze uitgaven bij te houden. Maar bijhouden hoeveel we uitgeven mag dan wel een mooi begin zijn, als we ons uitgeefgedrag er niet aan aanpassen, zullen we niet veel zien veranderen aan die cijfertjes.

Om de big spenders onder mijn lezers een zetje te geven of om de anderen wat inspiratie te geven, deel ik hier hoe het komt dat wij er hier ten huize Superwoman zelfs met mijn gehalveerde loon niet aan onderdoor gaan. Hou al die wilde spaarplannen voor later, begin met kleine stapjes. Hier een paar tips die wij toepassen:

  1. Het huishouden: plannen! 
    Wij hebben geen poetsvrouw. Enerzijds omdat ik het geluk heb dat ik een zeer hulpvaardige moeder en schoonmoeder heb, maar anderzijds geraak ik ook wel rond zonder extra hulp en met wat creativiteit. Combineer bijvoorbeeld een avondje voor de tv met een lading strijk. Mits een beetje planning en een dichtgeknepen oog af en toe is een wekelijks bezoek van de poetsvrouw niet nodig bij ons.
    Het stofzuigen gebeurt bij ons thuis trouwens door de Roomba iRobot. Beste aankoop ooit! Eén keer investeren, maar jarenlang een poetsvrouw uitgespaard. 
    Wij hebben geen droogkast. Wij hebben een droogrek. Milieuvriendelijker en véél goedkoper. Voor de handdoeken heb ik een mama die wél een droogkast heeft (want ze komen daar toch net iets zachter uit ;)), maar om alleen daarvoor een droogkast te kopen… dat wil ik nog een paar jaar uitstellen.
    Ik blijf het zeggen: weekmenu’s en boodschappenlijstjes in combinatie met Collect&Go! We sparen wekelijks gemiddeld 30 (soms zelfs tot 80!) euro uit aan boodschappen. Een eigen moestuin of familie/vrienden met een moestuin, ook handig!
  2. Kledij: ga voor kwalitatieve basics in de solden! 
    Ik koop niet zo vaak nieuwe kleren. Voor mezelf koop ik niet online, dus in die val kan ik al niet trappen. Het lief koopt pas nieuwe kleren als de gaten in zijn huidige outfits niet meer te dichten zijn. Voor Sep laat ik me soms wel gaan, maar meestal dan nog met cadeaubonnen van familie/vrienden of met kortingscode’s voor mijn favoriete webwinkels (alhoewel dat dat laten gaan ook maar betekent dat ik 5 stuks koop in één keer. Dan kan ik weer even voort). In de solden gaan we voor de basics die we nodig hebben, maar laten we ons niet gauw vangen door impulsaankopen die achteraf onze kleerkast niet uit komen. Het voordeel aan de solden is dat je dan eens voor kwaliteit kan gaan. Dan moet je minder stuks kopen die langer meegaan. Ook nog: moeders/zussen/schoonzussen/nichten/vriendinnen met ongeveer dezelfde maat, ik zeg het u, profiteert daarvan, gij allen!
  3. “Foliekes”: choose wisely! 
    Wij zijn niet van die mensen die altijd het nieuwste en het hipste moeten hebben om het dan een maand later niet meer te zien staan. Als we ons laten verleiden door “foliekes”, dan zijn het zaken waar we iets mee zijn, ook nog na 10 jaar. Mijn lief heeft een voorliefde voor platen: die kunnen we steeds opnieuw beluisteren én de hoezen zijn meestal nog mooi om naar te kijken ook. Mijn kleine kookboekenverslaving heeft ons al veel nieuwe ontdekkingen opgeleverd en maakt onze weekmenu’s en occasionele dinnerparties ook een pak interessanter. Maar waarom een nieuw iPhonehoesje kopen met ananassen omdat dat hip is, terwijl mijn zwarte Hema-hoesje van 5 euro ook nog goed is? Ook aan betalende apps doe ik niet mee. Zo hard heb ik ze nu ook weer niet nodig. Denk zo: word ik er gelukkiger van als ik het koop? Of ga ik minder gelukkig zijn als ik het niet koop? Netflix, daar doen wij dus ook niet aan mee. Voorlopig hebben we nog genoeg aan de series en films die we opnemen op tv. Extra series hebben we nu niet nodig. Hetzelfde met krantenabonnementen: niet nodig, want je kan het meeste online vinden. Of profiteer van promoties. Er zijn veel zaken waarvan we denken dat het wel leuk zou zijn om ze te hebben (zoals bijvoorbeeld een tablet). Maar zolang we nog kunnen functioneren zonder, gaat het idee om dat aan te kopen in de diepvries.

Hebben jullie nog tips om geld te sparen? Ik lees ze graag in de comments! 

Memories

Mijn papa is sinds november officieel met pensioen. Dat wil zeggen dat hij dus wel wat vrije tijd heeft. Een deel daarvan kan hij opvullen met extra toertjes op zijn koersfiets. Een ander deel spendeert hij aan zijn kleinzoon. En nog een ander deel spendeert hij aan opruimen. Jaja, de occasionele opruimopwellingen heb ik duidelijk van hem geërfd. Met dat opruimen komen dus ook heel wat oude spullen boven waarvan mijn mama vraagt of ik ze wil hebben of niet (voor papa ze definitief naar het containerpark verbant). Argh, dilemma! Ik wil al die zaken niet meenemen naar mijn huis, want dan gaan ze daar maar plaats innemen op zolder en stof verzamelen. Maar ik wil ook niet dat ze definitief uit ons leven verdwijnen. Dan denk ik dat Sep er later misschien nog iets mee is. Of er hangen zoveel herinneringen aan vast die ik niet kwijt wil.

Zoals onlangs, toen mijn mama een stapel kaartjes bovenhaalde. De kaartjes die mijn zus en ik naar onze ouders schreven van op kamp. Mijn zus die blijkbaar niet vaak lekker eten kreeg en haar knuffel miste. Ik die het kampfood wel kon smaken en nieuwe vriendinnetjes maakte. Maar allebei misten we ook onze ouders. Of dat schreven we toch. Mijn mama vertelde dat haar hart altijd een beetje brak als ze de “negatieve” kaartjes van mijn zus las. Maar als ze dan op bezoekdag kwamen of ze haalden haar op na het kamp, dan zag mijn zus hen niet eens staan. Dus zo erg was het daar blijkbaar toch niet.

DSC_2745

Ik kreeg ook de vraag of ik de hele zak met sjaaltjes van de ziekenkaskampen nog wil houden. Aaah, de sjaaltjes. Elke keer als je op kamp ging, kreeg je een gekleurd sjaaltje dat moest aantonen dat je tot de groep met de gekleurde sjaaltjes behoorde. Kwestie van geen kindjes kwijt te spelen hé. Die sjaaltjes moesten goed zichtbaar rond je hals hangen.
Als kleine kindjes deden we dat nog braafjes. Maar als we de leeftijd van tegendraadse (of peer pressure gevoelige) puber bereikten, rolden we die sjaaltjes op en knoopten we die rond onze pols. Kei stoer en al!
De traditie wou ook dat we op het einde van het kamp een “sjaaltjesmoment” hielden waarbij we op elkaars sjaaltje een tekstje schreven over hoe geweldig het kamp en die bepaalde persoon was. Bij je beste vrienden schreef je dan een hele epistel, bij de mensen die je amper gesproken had in de afgelopen week schreef je enkel je naam (of een nietszeggende “leuk je te leren kennen”). Hoe voller je sjaaltje gekriebeld stond, hoe populairder je was natuurlijk. En hoe leuker het was om achteraf je sjaaltje opnieuw te bekijken.
Die sjaaltjes mochten ook ABSOLUUT NIET in de was terechtkomen na het kamp.
Die sjaaltjes werden verzameld op de slaapkamer van deze tiener. Als aandenken aan de zalige zomer(s). Ze werden aan klinken gehangen, rond de hals van knuffelberen geknoopt of opgehangen aan de muur.

DSC_2752

Over de jaren heen verzamelde ik een mooie, kleurrijke collectie sjaaltjes. Die sjaaltjes liggen nu in de weg voor de opruimwoede van mijn papa.
Die sjaaltjes zullen dus binnenkort toch verhuizen naar mijn zolder.
Die sjaaltjes roepen herinneringen op aan vriendschappen die maar een zomer lang duurden, maar ook aan vriendschappen die nu nog voortduren. De tekstjes op die sjaaltjes zal ik nog eens lezen voor ze op mijn zolder belanden en daarna waarschijnlijk een hele tijd niet meer. Tot ze weer moeten verhuizen. Maar het idee dat ze er altijd zijn voor een nostalgisch momentje maakt me toch blij.

Wat de kaartjes betreft: daarmee heeft mijn mama hetzelfde als ik met de sjaaltjes. Die zullen ook niet meteen verdwijnen, me dunkt.

Friday’s Food

Na de granola van vorige week, ga ik ook nu verder met de superfoods van Biover.

Sinds kort maak ik geregeld een smoothie met het rode bietenpoeder dat ik kreeg. Het is wat wennen aan de nogal overheersende geur, maar je kan het eigenlijk overal gebruiken als gemakkelijke vervanger van de rode bieten. Aangezien ik nu niet echt wekelijks rode biet op het menu had staan (lees: eigenlijk nooit), leek het mij interessant om die smaak wat beter te leren kennen. Ik voegde het poeder toe aan een fruitsmoothie om de nodige vitamines binnen te hebben om mij te wapenen tegen de winter die nu écht wel begonnen is.

Dit heb je nodig:

  • 2 kl Biover rode bietenpoeder
  • 1 groot handvol bevroren rode vruchten
  • 2 el magere natuuryoghurt of Griekse yoghurt
  • 150 ml versgeperst (sinaas-)appelsap

Zo maak je het:

Easy peasy: doe alle ingrediënten in een blender en druk op de power-knop. Mix tot je een egale smoothie krijgt. Voeg eventueel extra appelsap toe om de smoothie lopende te maken.

IMG_3221

Voilà!

Enjoy!