En toen waren we met vier…

Op dinsdag 10 januari blogde ik over de kwelling van het wachten als je je kindje niet op de “afgesproken” datum op de wereld zet.

Wat ik er niet bij vertelde, was dat ik die ochtend al in het ziekenhuis had gestaan. Ik had de maandagavond weeën gekregen en hoewel ze op dinsdagochtend weer minder erg waren, ging ik toch binnen. De monitor tekende een mooie platte lijn. Niks. Geen weeën. Zelfs geen krampje. Wel een erg beweeglijke baby.

Diezelfde dinsdag, rond 13u30, voelde ik weer lichte weeën opkomen. Deze keer gingen ze mij niet liggen hebben! Ik wachtte af. Ik verwittigde het lief nog niet. De teleurstelling alleen al als het weer vals alarm zou blijken te zijn…

Deze keer verminderden ze echter niet.
Op woensdagochtend brachten we Sep naar de crèche en reden we door naar de materniteit.
Jep, de weeën en de ontsluiting waren op gang gekomen. Nu ja, ik zat aan 2 cm (dat was toch al 2 cm meer dan ik bij Sep ooit gehad heb).
De weeën werden heviger en namen weer af. De vroedvrouwen en gynaecoloog van wacht twijfelden of ze mij terug naar huis zouden sturen of niet.
Rond de middag zaten we aan de volle 3 cm. De weeën werden weer heviger.
Blijven dan maar!

Voor het lief moet dit een saaie dag geweest zijn: een beetje lezen, een beetje door het ziekenhuis wandelen met een lief dat om de 5 minuten stopte om tegen een muur steunend te puffen. De nacht brak aan. Slapen deden we niet. Ik niet door de contracties, hij niet door mijn gepuf.
De vroedvrouwen kregen de opdracht om zeker niets te forceren of “in gang te steken”. Op vraag van de patiënt laten we de natuur haar gang gaan (voor zover medisch verantwoord uiteraard). Mijn gynaecologe heeft echt naar mij geluisterd!

Om 3u begeleidde de vroedvrouw mij naar het relaxatiebad. Hemels! Het warme water. De jets die de pijn toch voor het eerste halfuur hielpen opvangen.
Twee uur later was ik het bad beu. Ik ging nog even wandelen. Dan gaat het misschien wat meer vooruit.

En o ja hoor! Het hielp. Mijn water brak spontaan. Hoe cool is dat! Geen inductie nodig gehad. Boojah!

Tegen 6u ’s morgens kan ik niet meer. Het heeft al te lang geduurd. Ik ben te vermoeid en wie weet hoe lang het nog zal duren. Met een bang hartje vraag ik een epidurale. De anesthesist is verbazend grappig voor iemand die pas uit zijn bed gebeld is, maar ik denk alleen maar: “zorg gewoon da ge goed steekt en dat het werkt!”
“Yes, 6 – 1 voor mij!” vergelijkt de anesthesist zich even later met zijn collega die er zich twee jaar geleden aan waagde. De naald zit juist. Ik voel de warmte die je moet voelen. Ik voel mijn achterste in slaap vallen.
Ik, die zo hard controle wil bewaren over alles, word gelukkig van het feit dat ik niets meer voel en dat mijn linkerbeen zelfs lam is.

Met de verdoving kan ik de komende uren met gemak aan. Het lief en ik kunnen zelfs nog even slapen. Stel je voor!

Ondertussen doet mijn lijf verder wat het moet doen. De weeën worden netjes gemonitord en de laatste 4 cm ontsluiting volgen elkaar relatief snel op.

Rond 10u stelt de vroedvrouw voor dat we eens gaan “oefenen” voor het persen, het kindje is er klaar voor. Ze zet de verdoving af, zodat ik de weeën lichtjes kan beginnen te voelen. Nu ja, het is eerder gokken van “ah, ik denk dat ik precies iets voel, ik zal maar persen”. Dat lukt aardig.

De gynaecoloog wordt erbij gehaald. “Hola, precies al goed bezig, zie ik!”.

10 minuten later ligt onze zoon op mijn borst. Het lief knipt de navelstreng door. Ik voel de traantjes opwellen.

img_5999

De verwondering dat wij dit gedaan hebben is zo groot dat ik mezelf toelaat te aanvaarden dat ik een epidurale vroeg. Ok, het is niet hélemaal gegaan zoals ik het had gewild. Want dan had ik het aangekund zonder verdoving. Maar hej, 36 lange uren na die eerste wee had ik het wel gehad… En hej, ik heb dat wezentje wel nog altijd zélf uit mijn lijf geduwd! Ik heb mijn zoon zien geboren worden. Ik heb geen twee uur moeten wachten om een proper gewassen kind in mijn handen te krijgen. Ik kreeg een slijmerig, gerimpeld, huilend wezentje aangereikt dat nog met zijn levenslijn aan mij vast hing.

Dat gevoel van trots en gelukzaligheid overvalt mij ook nu – 16 dagen later – nog af en toe als ik met mijn jongste spruit op mijn borst in de zetel lig.

Warre is er. We did it!

Superwoman playing the waiting game … again …

“Je bent zeker dat we in eerste instantie gewoon een natuurlijke, spontane bevalling willen afwachten, hé?”

Zeker vijf keer stelde de gynaecologe mij die vraag op mijn laatste afspraak bij haar. Op 5 januari. Dat was 3 dagen na de uitgerekende bevallingsdatum.

Het lief en ik zijn gedecideerd. We blijven hopen op een “gewone” bevalling. De weeën die opkomen en erger worden. Oma bellen om Sep op te halen. Naar het ziekenhuis rijden. En bevallen in een verloskamer. Niet in een operatiekwartier.

Uiteraard hebben we een plan b. Maar we blijven eerst nog even afwachten. Tot de deadline die de gynaecologe vooropgesteld heeft. En in tussentijd om de 2 dagen aan de monitor.

Voor een notoire controlefreak/planner/overdenker is dit afwachten een echte kwelling!
Elke dag zonder wee is een dag dichter bij de poging tot inductie. En als ik daaraan denk, denk ik meteen aan een mislukte inductie en een keizersnede die zich opdringt. En aan een epidurale die niet werkt. En aan alweer een kind krijgen zonder “zelf te bevallen”.

Elke dag van wachten is een mentale marteling. Ik hou mezelf bezig met het uitkuisen van kasten. Mijn wasmand was nog nooit zo leeg. Ik heb in het afgelopen halfjaar niet zoveel zelf gestreken als in de afgelopen week. Mijn huis ligt er netjes bij. De reeks onbekeken films op mijn digibox is al een pak korter. Mijn middagdutjes duren soms twee uur.
Het lief gaat nog elke dag werken. Maar ook hij past zijn planning aan in functie van “wat als ze belt”.

img_5971

Elke keer als je naar het ziekenhuis gaat voor de monitor, is er een kleine hoop. Je weet perfect dat er niets is om op te hopen als je zelf nog niets voelt, maar toch. Je hoopt dat ze bij het inwendig onderzoek toch merken dat je al een paar centimeter ontsluiting hebt. Of dat de weeën toch plots opkomen.
Je weet dat je eigenlijk niet moet mag hopen. En toch doen we het blijkbaar wel. Want na elke monitorsessie ben ik (en het lief ook op de dagen dat hij meegaat) teleurgesteld. De rest van de namiddag ben ik niet te genieten.

Zelfs Sep moet het ontgelden. Ik ben minder geïnteresseerd in zijn enthousiasme als hij een puzzel maakt. Ik ben sneller geïrriteerd als hij een driftbui heeft. Ik ben allesbehalve de ideale mama. En dat op een moment dat hij mij juist meer nodig heeft. Want het mannetje voelt écht aan dat er iets aan het veranderen is. Hij vraagt nu zoveel naar mij. Naar een “dikke zjoen” of een knuffel. Ik geniet wel van zijn knuffels. Ze doen ons beiden goed.

Ook op je relatie zet dit behoorlijk wat druk. Je kent dat wel, “the elephant in the room”… Als je beiden down loopt, is dat ook niet echt bevorderlijk voor de sfeer. Niet dat we veel ruziën, integendeel. Er is net minder communicatie. Je wil het onderwerp ontwijken, want het zorgt alleen maar voor stress. In mijn leven is er verder echter niets noemenswaardig aan de gang, dus andere onderwerpen vinden is moeilijk. We weten en zeggen wel dat ook dit voorbijgaat en dat we dit samen kunnen doorstaan. We hebben het al eens gedaan. We kunnen dit. En het geschenk dat we sowieso gaan krijgen, is een motivator.

Maar toch… Het is lastiger dan je zou denken. Het put je mentaal uit.

En toch… toch wil ik afwachten. Toch wil ik niet meteen overgaan tot inleiding of keizersnede. Zo moet ik me niet de rest van mijn leven afvragen: “wat als we toch gewacht hadden? Was hij dan vanzelf gekomen en had ik dan toch eens een échte bevalling meegemaakt?”

Voornemens, welke voornemens?

Eerst en vooral een gelukkig 2017 aan jullie allen! Hopelijk verliepen de feestdagen zoals je gehoopt had en wordt het nieuwe jaar er één zoals je wenst.

Ah, weer een nieuw jaar zeg. Terugkijken op het afgelopen jaar. Met goede herinneringen, maar ook dingen die je toch liever anders had gezien of die je hoopt te veranderen in het komende jaar. Op persoonlijk vlak. Op maatschappelijk vlak. Getuige de vele eindejaarslijstjes. Getuige ook de goede voornemens die over 3 weken alweer vergeten zijn.

Ik deed hier op de blog even mee aan dat terugblikken, op persoonlijk vlak dan toch. Met vooruitkijken was ik niet erg bezig. Voor wie het al vergeten was: de komst van onze tweede spruit was voorzien voor gisteren 02/01/2017. Ik was de afgelopen weken dus vooral bezig met afwachten en babystuff in orde brengen. Tijdens de feestdagen hield ik ook een beetje een digitale detox (laten we eens een modewoord gebruiken). Niet bewust hoor. Ik was er gewoon niet mee bezig. Ik had andere zaken aan mijn hoofd. Ik maakte niet erg veel foto’s. Ik genoot gewoon van de momenten. Of ik zat met mijn hoofd meer bij mijn babybump dan ergens anders, waardoor ik nergens écht van genoot. Kan ook.

De goede observator heeft ondertussen ook al door dat de baby nog altijd veilig en wel in mijn baarmoeder vertoeft en zijn weg naar de buitenwereld nog niet gevonden heeft. Ja, de schrik voor een herhaling van hetzelfde scenario als vorige keer wordt groter… Maar laten we daar even niet aan denken.

Vandaag is ook de eerste dag na de kerstvakantie van de crèche. Sep is dus opnieuw bij zijn vriendjes en vriendinnetjes. Het lief is aan het werk. Ik zit voor het eerst in 2 weken op mijn gemak thuis. Straks één (of twee) van de vele opgenomen kerstfilms bekijken en lekker niksen. Met een peuter die eerst thuis was wegens ziekte en dan wegens vakantie, is dat er niet echt van gekomen. Dat ga ik nu dus nog vlug even doen voor de baby er is.

Ook blogs lezen, daarvoor heb ik nu ook wat tijd. Eindelijk! Als je nu dus een reactie krijgt van mij op een post van een week geleden, zie je wel dat ik ze nog altijd lees! Alleen met een beetje vertraging 😉

Wat mijn vooruitzichten op 2017 betreft, heb ik nog niet al te veel concrete plannen gemaakt. Aan voornemens doe ik niet mee. Ik maak het hele jaar door goede voornemens en zet die dan ook meteen om in daden. Of dat nu op 1 januari is of op 16 mei, dat maakt niet uit.

Wel weet ik al dat ik blij ben dat Adriene opnieuw een yoga-challenge gestart is met het nieuwe jaar. Ik heb me alvast ingeschreven en houd al haar mailtjes en video’s bij om er na de bevalling opnieuw in te vliegen.
Verder staat er ook nog een trouwfeest op de planning, dus daarvoor zal ik ook nog genoeg te regelen hebben. En meteen ook nog een extra reden om zeker weer te bewegen na de bevalling 😉
Momenteel kijk ik vooral uit naar de komst van onze kleine man en zal de rest van het jaar goed gevuld zijn met het uitzoeken hoe ik ervoor zorg dat een huishouden met twee kinders niet volledig vierkant draait. Daar zal weer veel hulp van (schoon-)mama aan te pas komen, waarvoor ik nu al dankbaar ben!
O ja, ik hoop dat ik tussendoor ook nog een beetje kan lezen. 2016 was vooral het jaar van de non-fictie bij mij (Shoot in een poging meer uit mijn foto’s te halen, Life on Sneakers dat mij toch meer deed dan verwacht, Marie Kondo die mij even inspireerde, …) . Maar nu ligt Cécile van Ish al een maand op mijn nachtkastje en wil ik Het Smelt eens lenen van mijn schoonzus. Er zijn ook zoveel bloggers met goeie tips en mijn boekenkast staat vol met ongelezen pareltjes. Het komt er alleen niet van. Ik weet niet of dat in 2017 beter zal zijn. We zien wel zeker 🙂
Voor deze blog wil ik nu eindelijk eens overschakelen op mijn eigen domein (een .be – het staat al klaar en alles, alleen nog de laatste details en het omschakelen zelf hé, een beetje faalangst/plankenkoorts denk ik…).

2017 wordt vooral het jaar van “we zien wel”, denk ik. Er zijn zoveel dingen die ik eigenlijk al in 2016 had willen doen en die ik nu doorschuif naar 2017 wegens “life got in the way”.
We zullen wel zien hoe het loopt, hé. Jullie zullen het sowieso hier kunnen blijven volgen!